Opgericht 16 januari 1973
Koninklijk goedgekeurd

REGLEMENT VAN ORDE BOTENVISVERENIGING ‘t HONTBOS

Artikel 1 — Bootinventaris

Elke uitvarende boot moet voorzien zijn van:

— twee goed bevestigde deugdelijke roeidollen en twee goede roeiriemen van voldoende lengte bij een te roeien boot en/of een hulpmotor;
— een afduwstok van voldoende lengte;
— een ankertouw met een lengte van tenminste 40 meter;
— een deugdelijk anker;
— een geschikt vloeistofkompas;
— een toeter;
— een mes;
— een hoosvat/emmer, of goed functionerende lenspomp;
— 2 handflairs en/of vuurpijlen, waarvan de aanbevolen gebruikstermijn niet mag zijn overschreden;
— een reddingslijn van tenminste 20 meter met daaraan bevestigd een reddingsboei of band;
— grijplijnen of handgrepen aan weerszijden van de boot;
— een op de juiste wijze bevestigde radarref1ector;
— een marifoon of een deugdelijke 27 MC bak, FM gemoduleerd, met tenminste 4 Watt zendvermogen en 40 kanalen, e.e.a. bedrijfsklaar;
— een zwarte ankerbal;
— een reddingsvest of overlevingspak voor elke opvarende;
— een W.A. verzekering voor een vol jaar, met een minimale dekking van 5 mijl;
— telefoonnummer reddingsbrigade binnen handbereik; 0725091643.

Aanbevolen wordt:
— een ankerlijn van tenminste 100 meter;
— een EHBO-doos, waterdicht verpakt;
— een reserve anker;
— een extra mes, te plaatsen bij de plaats waar de ankerlijn in de boot wordt vastgemaakt;
— een geschikte brandblusser.

Artikel 2 — Constructie van de boot

a. De boot moet een minimale lengte hebben van 4,25 meter, voldoende stabiel zijn en voor wat betreft aard en constructie van de gebruikte materialen voldoende stevig en sterk zijn om als visboot te kunnen worden gebruikt;
b. De boot dient voldoende vrijboordhoogte te hebben (bij volledige bemanning en
uitrusting tenminste 35 cm);
c. De boot dient voldoende drijfvermogen te bezitten in volgelopen toestand; (luchtkasten en/of dubbele bodem);
d. De buitenboordmotor dient afgestemd te zijn op de boot waarop deze is geplaatst. d.w.z. niet te licht of te zwaar volgens de normen van de fabrikant van de boot;
e. Onverminderd het gestelde onder d. geldt dat de buitenboordmotor bij het landen
door een opvarende in de hoogste stand moet kunnen worden gebracht;
f. Men dient bij het uitvaren voldoende benzine in de tank te hebben, alsmede te
beschikken over een reservevoorraad benzine van tenminste 10 liter.

Artikel 3 — Aankomst op en vertrek

De boot met trailer dient in de zomermaanden (van 1 mei t/m 1 oktober) voor 10.00 uur ’s morgens naar de zuidkant van de reddingsbrigade worden gebracht. In de wintermaanden mag dit de gehele dag m.u.v. zon- en feestdagen. Op deze dagen geldt de regel van de zomermaanden.
De boot met trailer mag in de zomermaanden na 18.00 uur weer teruggereden worden.

Het eerst uitvarende lid van de dag:

– pakt de trekker uit de container;
– plaatst de vlag op de container zodat de volgende weet dat de trekker op het strand staat;
– rijdt de trekker met boot door de slagboom;
– plaatst de trekker en trailer aan de zuidzijde van de reddingsbrigade waar de trailer ontkoppeld wordt. De trekker en trailers mogen hier de gehele dag blijven staan;
– markeert het vak met de zwart/wit geblokte vlaggen waar de trekker overdag van oost naar west en andersom mag rijden om boten uit het water te halen of ze in zee te brengen. De trekker moet in het vak blijven dat is afgezet met zwart/wit -geblokte vlaggen. De trekker dient op het strand beschermd te worden met de daarvoor bestemde beschermkap.

Het volgende uitvarende lid:

– ziet de vlag op de container al wapperen en kan dus doorrijden;
– rijdt met auto en trailer door de slagboom tot aan paviljoen Luctor et Emergo;
– koppelt de trailer los;
– brengt de auto direct naar een parkeerplaats;
– pakt de trekker van het strand;
– rijdt met de trekker naar de zuidzijde van de reddingsbrigade en koppelt de trailer los;
– kan de boot met trailer aan de zuidzijde van de reddingsbrigade laten staan tot geschikt moment om uit te varen.

Het laatste lid die van het strand afkomt;

– neemt de zwart/wit geblokte vlaggen mee;
– rijdt met de trekker en de trailer van het strand;
– ontkoppelt de trailer van de trekker;
– rijdt de trekker binnen de container;
– haalt vlag van container naar binnen;
– sluit de container op een correcte manier af.

Artikel 4 — Opstelling van trekker en trailer

De trekker en trailer dienen netjes geparkeerd te worden aan de zuidzijde van de reddingsbrigade. De trailer mag de gehele dag blijven staan. ’s Nachts is het verboden de trailer op het strand te stallen.

Artikel 5 — Afvaart en aankomst

– De gehele dag mag er af en aangevaren worden. Dit alleen in een verticale lijn tussen de vlaggen.
— Aankomst gaat voor afvaart
— De veiligheid van de baders moet in acht worden genomen
— Onnodig varen tussen de baders is verboden.

Artikel 6 — Algemeen

Elke trailer en boot dient duidelijk aan beide zijden het registratienummer SCHL plus bootnummer te dragen; minimale letterhoogte 10 cm, op licht gekleurde boten zwarte, op donker gekleurde boten witte letters.

Artikel 7 — Aanwijzingen

Het is verboden om op het strand, de branding of wat voor wijze dan ook (o.a. vis schoonmaken) te verontreinigen. Bij werkzaamheden aan het strand is men verplicht de instructies van de werklieden op te volgen.
Amfibievoertuigen en auto’s van het dijkbeheer hebben altijd voorrang.

Artikel 8 -Veiligheid

Boten, die door een lid van het bestuur (tussentijds) niet veilig genoeg worden bevonden om de zee op te gaan, zullen worden gekeurd door de botenkeuringscommissie op een nader te bepalen datum.
Tot de datum waarop de botenkeuringscommissie de boot heeft goedgekeurd, mag daarmee niet worden gevaren.
De instructies van de botenkeuringscommissie moeten nauwkeurig worden opgevolgd.

Artikel 8a –Herkeuring

Alle bootbezitters dienen hun boot, op een door het bestuur nader te bepalen datum, aan te bieden voor een herkeuring bij de botenkeuringscommissie, dat, gemiddeld één maal per drie jaar.
Tevens dienen bootbezitters, bij de aanschaf van een nieuwe/andere boot of bij wijziging van het motorvermogen, de combinatie boot/motor op korte termijn, na een telefonische afspraak, bij de botenkeuringscommissie ter keuring aan te bieden.

Artikel 9 — Verzekering

Voor elke boot dient door de eigenaar minimaal een W.A. verzekering afgesloten te zijn, die geldig moet zijn op de dagen dat men zich op zee begeeft. Een kopie van de polis, alsmede van de laatste kwitantie, moet getoond kunnen worden tijdens een door of vanwege het bestuur verrichte keuring.

Artikel 10_Gebruik trekker

Iedere lid dient de trekker te gebruiken volgens instructiekaart met gebruiksregels. Deze hangt in de container en is te vinden op de website.

Artikel 11

De naleving van de, krachtens het Statuut en/of de Reglementen van de vereniging gestelde, regels en/of eisen geschiedt door de leden van het bestuur en/of een door het bestuur aangewezen controleur.
Bij constatering van overtreding van de gestelde eisen en/of regels wordt daarvan melding gemaakt aan het bestuur.
Het bestuur beslist of en zo ja welke maatregelen tegen de overtreder worden genomen.

Artikel 12

Het bestuur kan ingeval van overtredingen als bedoeld in artikel 10, het betreffend lid schorsen en hem daarbij de toegang met de boot tot het strand ontzeggen.
Gedurende de termijn van schorsing dient de sleutel en/of pas die aan het lid is verstrekt, op eerste aanzegging ingeleverd te worden bij de secretaris van de vereniging.

Artikel 13

Elke boot dient voorzien te zijn van een deugdelijk communicatiemiddel, te weten een goedgekeurde MARC.
Als extra aanbevolen wordt: een goedgekeurde marifoon.
Het 27 mc kanaal voor noodverkeer is 9, op de marifoon 16.
Bij het niet bereikbaar zijn op één van de genoemde kanalen tijdens het verblijf op zee kan, na onderzoek, sanctie volgen.
Het oproepkanaal dient zo snel mogelijk weer vrijgemaakt te worden.
Het nummer van de reddingsbrigade is; 072-5091643

Aldus opgemaakt bij besluit Algemene Ledenvergadering d.d. 25 mei 2018